De Iban (zee-Dayak) leven op Borneo en Sarawak en waren vroeger beruchte koppensnellers. Die traditie wordt inmiddels gelukkig niet meer gepraktiseerd. Maar ook andere gebruiken gaan langzaam verloren. Zo kregen Iban krijgers vaak diverse tatoeages op hun lichaam, elke tattoo heeft zijn eigen betekenis. Jongens die een soort van survival in de jungle hadden overleefd kregen bijvoorbeeld tattoos op hun schouders. Bij de oude mannen in het door ons bezochte longhouse was dit inderdaad het geval. De jonge mannen ‘deden er echter niet aan mee’, zij wilden ‘zijn zoals westerlingen’.

In de longhouses woont een hele gemeenschap, soms bestaande uit wel 60 gezinnen. Deze en andere longhouses zijn vaak gebouwd aan de rivier en bestaan uit 4 hoofdruimtes. Deze oude ‘chief’ heb ik gefotografeerd in de ruai, de gemeenschappelijke ruimte. Dat is de ruimte waar de mannen soms de gehele dag zitten, bezoek wordt ontvangen (Sawadee groepen ;-)) en waar de ceremonies en dansen plaatsvinden. Wij hebben er drie nachten geslapen. Ecotoerisme vormt voor de moderne Iban een mooie aanvulling op hun inkomen.